ECLI:NL:RVS:2018:488
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- H.G. Sevenster
- H. Bolt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verstrekking gegevens AIVD wegens onvoldoende motivering
Appellant verzocht de minister om verstrekking van diverse documenten met betrekking tot inlichtingen- en opsporingshandelingen van de AIVD, waaronder informatie over het project Behind Bars. De minister wees dit verzoek af op grond van artikel 55 van Pro de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2002, met het argument dat verstrekking het actuele kennisniveau, bronnen en werkwijzen van de AIVD zou prijsgeven en persoonsgegevens van derden zou schenden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, mede omdat appellant de rechtbank niet tijdig toestemming gaf om vertrouwelijke stukken in te zien, wat volgens de rechtbank niet in strijd was met de goede procesorde. Appellant stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Afdeling oordeelde dat appellant weliswaar te laat toestemming gaf voor inzage, maar dat de rechtbank ten onrechte de zaak niet naar een andere rechter had verwezen. Verder concludeerde de Afdeling dat het bestreden besluit onvoldoende was gemotiveerd, omdat het niet voldeed aan de eisen van artikel 55 Wiv Pro en artikel 7:12 Awb Pro. Daarom vernietigde de Afdeling het besluit en bepaalde dat de minister opnieuw moet beslissen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit van de minister wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en de minister moet een nieuw besluit nemen.