ECLI:NL:RVS:2018:3918
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen overdracht vreemdeling aan Italië en verstrekking opvang
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, maar deze aanvraag werd door de staatssecretaris niet in behandeling genomen. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen dit besluit ongegrond. Hiertegen stelde de vreemdeling hoger beroep in en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde dit verzoek om een voorlopige voorziening. De vreemdeling verzocht dat hij niet zou worden overgedragen aan Italië voordat op het hoger beroep was beslist en dat hem opvang en verstrekkingen zouden worden geboden conform de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers gedurende deze periode.
Gelet op de aangevoerde omstandigheden en eerdere jurisprudentie (ECLI:NL:RVS:2016:3350) kwam het verzoek voor toewijzing in aanmerking. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, bestaande uit kosten van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
De voorzieningenrechter bepaalde derhalve dat de vreemdeling niet wordt overgedragen aan Italië zolang het hoger beroep loopt en legde een proceskostenveroordeling op aan de staatssecretaris.
Uitkomst: De vreemdeling wordt niet overgedragen aan Italië totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.