ECLI:NL:RVS:2018:2180
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep asielzaak
De staatssecretaris heeft op 28 februari 2017 een aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen afgewezen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit op 5 juni 2018 ongegrond verklaarde. Tegen deze uitspraak is hoger beroep ingesteld.
De vreemdeling verzocht vervolgens de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen, zodat hij niet uitgezet wordt zolang het hoger beroep loopt en hij opvang en verstrekkingen ontvangt op grond van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het verzoek toewijsbaar is, mede gelet op eerdere jurisprudentie (ECLI:NL:RVS:2016:3350). De staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €501,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.