ECLI:NL:RVS:2017:701
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.W.M. Bijloos
- N. Verheij
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Vaststelling dwangsom en beoordeling monumentenaanwijzing Johan Huizingalaan 91 Amsterdam
KAV Holding B.V. maakte bezwaar tegen de aanwijzing van het pand aan de Johan Huizingalaan 91 te Amsterdam als gemeentelijk monument door het algemeen bestuur van de bestuurscommissie van stadsdeel Nieuw-West. Na eerdere vernietiging van een besluit door de Afdeling bestuursrechtspraak, nam het algemeen bestuur een nieuw besluit op bezwaar dat de aanwijzing handhaafde. KAV Holding stelde dat het besluit niet tijdig was genomen en dat het algemeen bestuur niet bevoegd was, het hoorrecht van de gemeente Amsterdam was geschonden, en dat er sprake was van vooringenomenheid.
De Afdeling oordeelde dat het algemeen bestuur niet tijdig had beslist en stelde de hoogte van de verbeurde dwangsom vast op €1.260,00. Het algemeen bestuur had de bevoegdheid het besluit te nemen en het horen van de gemeente Amsterdam kon worden gepasseerd omdat geen sprake was van benadeling. Het betoog van vooringenomenheid werd verworpen omdat beleidsmatige keuzes niet gelijk staan aan vooringenomenheid.
Verder werd geoordeeld dat het advies van Monumenten en Archeologie (M&A) voldoende deskundig en zorgvuldig was en dat het algemeen bestuur het advies terecht aan het besluit ten grondslag had gelegd. Ook de schadeclaims van KAV Holding werden niet gegrond bevonden, mede omdat concrete herontwikkelingsplannen ontbraken. Het beroep werd voor het overige ongegrond verklaard en het algemeen bestuur werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan KAV Holding.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet-tijdig nemen van het besluit is gegrond en de dwangsom vastgesteld; het overige beroep is ongegrond verklaard.