ECLI:NL:RVS:2017:338
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- A.B.M. Hent
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebesluit wegens onterecht opgelegde overtreding Wet arbeid vreemdelingen
De minister legde aan appellante een boete van €352.000 op wegens 44 overtredingen van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav), omdat Roemeense werknemers zonder tewerkstellingsvergunning werkzaamheden zouden hebben verricht. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante gegrond en stelde de boete vast op €349.500 wegens overschrijding van de redelijke termijn.
In hoger beroep betoogde appellante dat er geen sprake was van terbeschikkingstelling van arbeidskrachten, maar van grensoverschrijdende dienstverlening waarbij zij specialistische werkzaamheden door [bedrijf] liet uitvoeren. De Afdeling oordeelde dat niet aan de criteria van het arrest Vicoplus werd voldaan, omdat de verplaatsing van werknemers niet het doel op zich was en de werknemers onder toezicht en leiding van [bedrijf] stonden.
De Afdeling vernietigde het boetebesluit en het bestreden besluit, oordeelde dat appellante recht heeft op een vergoeding van €500 wegens overschrijding van de redelijke termijn en veroordeelde de minister tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Het hoger beroep werd gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.
Uitkomst: Het boetebesluit wordt vernietigd omdat geen sprake was van overtreding Wav; appellante krijgt vergoeding immateriële schade en proceskosten.