ECLI:NL:RVS:2017:2819
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.D.M. van Diepenbeek
- B.P.M. van Ravels
- F.D. van Heijningen
- Rechtspraak.nl
Vergunningverlening veehouderij aan Hondeveldsweg Saasveld niet onrechtmatig
Het college van gedeputeerde staten van Overijssel verleende op 18 september 2015 een vergunning krachtens artikel 19d van de Natuurbeschermingswet 1998 voor het oprichten van een veehouderij met ruim 8.000 varkens aan de Hondeveldsweg in Saasveld. De Coöperatie Mobilisation for the Environment en Stichting Leefbaar Buitengebied stelden beroep in tegen deze vergunning, stellende dat het college onrechtmatig heeft gehandeld.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het beroep van SLB ontvankelijk is, gelet op haar feitelijke werkzaamheden voorafgaand aan het besluit. Het college mocht de vergunning verlenen zonder coördinatie met de lopende m.e.r.-procedure, omdat het geen verplichting tot coördinatie betreft en de vergunning geen voldongen feit vormt.
Verder faalden de bezwaren tegen de berekening van stikstofdepositie en de toepassing van externe saldering. Ook werd geoordeeld dat de voorschriften met betrekking tot de intrekking van vergunningen van saldogevende bedrijven adequaat zijn. De overige beroepsgronden, waaronder cumulatieve effecten en mogelijke negatieve effecten op Duitse Natura 2000-gebieden, behoefden geen bespreking omdat geen toename van stikstofdepositie is vastgesteld.
De Raad van State verklaarde de beroepen ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De beroepen tegen de vergunningverlening voor de veehouderij zijn ongegrond verklaard.