ECLI:NL:RVS:2015:2319
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning uitbreiding veehouderij wegens onvoldoende zorgvuldigheid college
Het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant verleende op 27 augustus 2014 een vergunning krachtens artikel 19d van de Natuurbeschermingswet 1998 voor het uitbreiden en wijzigen van een veehouderij te Deurne. De stichting Werkgroep Behoud de Peel stelde hiertegen beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De stichting betoogde dat het college ten onrechte de vergunning had verleend omdat het onvoldoende had onderzocht of de eerdere Hinderwetvergunning uit 1980 gedeeltelijk van rechtswege was vervallen wegens onderbezetting. De stichting overlegde meitellingen waaruit bleek dat gedurende meer dan drie achtereenvolgende jaren minder melkkoeien waren gehouden dan in de vergunning was toegestaan.
De Afdeling oordeelde dat de stichting een begin van bewijs had geleverd en dat de bewijslast daardoor bij het college lag. Het college had geen concrete gegevens aangeleverd om het verval van de vergunning te weerleggen en had het beroep daarom niet met de vereiste zorgvuldigheid voorbereid, in strijd met artikel 3:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De Afdeling verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit voor zover het de vergunning betreft en bepaalde een beslistermijn van zes maanden voor het college om een nieuw besluit te nemen. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan de stichting.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot vergunningverlening wordt vernietigd wegens onvoldoende zorgvuldigheid.