ECLI:NL:RVS:2017:2677
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- J.J. van Eck
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete wegens overtredingen kinderopvangkwaliteit en veiligheidsplannen
Het college legde op 6 juni 2014 een bestuurlijke boete van €2.750,- op aan appellant wegens vijf overtredingen van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen (Wkkp). Na bezwaar werd het boetebedrag verlaagd tot €1.000,- voor twee overtredingen die betrekking hadden op het plan van aanpak veiligheid en gezondheid.
Appellant voerde onder meer aan dat de toezichthouders van de GGD niet bevoegd waren, dat de normen onvoldoende duidelijk waren (lex certa), dat het college onterecht afweek van haar eigen waarschuwingsbeleid en dat de boete niet evenredig was. De rechtbank wees deze beroepen af en de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde dit oordeel.
De Afdeling oordeelde dat de aanwijzing van de directeur GGD als toezichthouder en de ondermandaatverlening aan inspecteurs rechtsgeldig was. De normen in de Wkkp en het Besluit kwaliteit kinderopvang waren voldoende duidelijk en voorzienbaar. Het college had een waarschuwing gegeven voorafgaand aan de boete en het boetebedrag was passend gemotiveerd gezien de aard en ernst van de overtredingen.
De overtredingen betroffen het niet beschrijven van risico’s bij het verlaten van de stamgroep door een beroepskracht en onvoldoende aandacht voor ventilatie in het plan van aanpak. Ondanks dat appellant maatregelen had getroffen, moesten deze in de plannen zijn opgenomen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de bestuurlijke boete van €1.000,- wegens overtredingen in het plan van aanpak veiligheid en gezondheid.