ECLI:NL:RVS:2017:2534
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebesluit woningonttrekking voor twee woningen in Amsterdam
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde [appellante] een bestuurlijke boete op wegens het onttrekken van acht woningen aan de bestemming tot bewoning zonder vergunning. Na bezwaar en een uitspraak van de rechtbank Amsterdam werd de boete verlaagd tot €60.000,00. [Appellante] ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het hoger beroep behandeld en geoordeeld dat het college onvoldoende heeft aangetoond dat woning 2 en woning 5 aan de bestemming tot bewoning zijn onttrokken. Voor woning 2 was sprake van langdurige inschrijving in de basisregistratie personen, wat wijst op hoofdverblijf, en voor woning 5 was de eigenaar ingeschreven en woonde daar feitelijk, ondanks tijdelijke verhuurperiodes.
De Afdeling vernietigt daarom het besluit van het college en de uitspraak van de rechtbank voor zover deze betrekking hebben op woningen 2 en 5. Voor de overige woningen blijft de boete gehandhaafd. Tevens veroordeelt de Afdeling het college tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht aan [appellante].
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de boete voor woningen 2 en 5 wordt vernietigd, de rest van de boete blijft gehandhaafd.