ECLI:NL:RVS:2017:2501
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- A.B.M. Hent
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vaststelling verblijfsrecht gemeenschapsonderdaan na beëindiging duurzame relatie
De vreemdeling, met de Nigeriaanse nationaliteit, kreeg op 20 februari 2013 een verblijfsdocument als gemeenschapsonderdaan vanwege zijn huwelijk met een Italiaanse partner. Na ontbinding van het huwelijk op 5 augustus 2015 stelde de staatssecretaris vast dat het verblijfsrecht was geëindigd, omdat niet was voldaan aan de uitzonderingsgronden voor duurzame relaties van meer dan drie jaren.
De rechtbank volgde dit standpunt en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. De vreemdeling stelde echter dat de relatie al sinds 2011 bestond en duurzaam was, en dat de rechtbank ten onrechte aannam dat het verblijfsdocument constitutief was voor het verblijf.
De Raad van State oordeelde dat het verblijfsdocument slechts declaratoire werking heeft en dat de duurzame relatie vanaf 1 november 2011 duurde, langer dan drie jaren tot de verbreking op 13 januari 2015. De rechtbank had de staatssecretaris ten onrechte gevolgd. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, de uitspraak en het besluit vernietigd, en de staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris wordt vernietigd vanwege het bestaan van een duurzame relatie van meer dan drie jaren.