ECLI:NL:RVS:2017:2492
Raad van State
- Prejudicieel verzoek
- H.G. Sevenster
- A.B.M. Hent
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Prejudiciële vragen over intrekking verblijfsvergunningen bij fraude zonder kennis gezinsleden
Bij besluiten van 29 januari 2014 heeft de staatssecretaris de verblijfsvergunningen van een vader, zijn zoon en moeder ingetrokken wegens frauduleuze verkrijging via een schijnconstructie bij een werkgever. De vader had zijn verblijfsvergunningen frauduleus verkregen, wat niet werd betwist. De vraag spitst zich toe op de gevolgen voor de verblijfsrechten van de zoon en moeder, die hun vergunningen ontvingen in het kader van gezinshereniging en als langdurig ingezetene.
De rechtbank oordeelde dat de intrekkingen terecht waren, ook voor de zoon en moeder, omdat hun vergunningen afhankelijk waren van de frauduleuze vergunning van de vader. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State onderzoekt of de intrekking ook rechtmatig is indien de gezinsleden niet wisten van de fraude. Hierbij wordt verwezen naar de Gezinsherenigingsrichtlijn en Richtlijn 2003/109/EG over langdurig ingezetenen.
De Afdeling constateert dat de richtlijnen niet expliciet duidelijk maken of opzet of schuld van het gezinslid vereist is voor intrekking wegens fraude. Daarom verzoekt de Afdeling het Hof van Justitie om prejudiciële uitleg over de vraag of verblijfstitels en de status van langdurig ingezetene kunnen worden ingetrokken als de onderliggende gegevens frauduleus zijn, maar het gezinslid niet op de hoogte was van de fraude.
De behandeling van het hoger beroep wordt geschorst totdat het Hof uitspraak heeft gedaan. Deze zaak betreft fundamentele vragen over de toepassing van EU-recht op het gebied van vreemdelingenrecht en gezinshereniging, waarbij belangen van rechtszekerheid en fraudebestrijding tegen elkaar moeten worden afgewogen.
Uitkomst: De behandeling van het hoger beroep wordt geschorst en prejudiciële vragen worden gesteld aan het Hof van Justitie over de intrekking van verblijfsvergunningen bij fraude zonder kennis van de gezinsleden.