ECLI:NL:RVS:2017:2255
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongeldigverklaring rijbewijs wegens niet-medewerking aan educatieve maatregel alcohol
Appellant is op 9 december 2014 aangehouden voor rijden onder invloed met een ademalcoholgehalte van 730 μg/l. Het CBR legde hem een Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer (EMA) op. Later verklaarde het CBR het rijbewijs ongeldig vanwege het niet verlenen van vereiste medewerking aan de EMA, omdat appellant onder invloed van alcohol op het nagesprek verscheen.
Appellant betwistte dat hij onder invloed was tijdens het nagesprek en voerde aan dat de blaastestresultaten niet zijn vastgelegd en dat het alcoholpromillage te laag was. Ook stelde hij dat het negatieve afloopbericht onjuist was. De rechtbank verwierp deze bezwaren, en de Raad van State bevestigt deze beoordeling.
De Raad van State oordeelt dat het begrip 'onder invloed van alcohol' ruim moet worden uitgelegd en dat elke positieve blaastest, ongeacht het promillage, daartoe behoort. Het CBR heeft terecht het rijbewijs ongeldig verklaard zonder ruimte voor belangenafweging, aangezien de wet dit voorschrijft bij niet-medewerking aan de EMA.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de ongeldigverklaring van het rijbewijs bevestigd.