ECLI:NL:RVS:2016:334
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- C.M. Wissels
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging invordering dwangsom wegens voortzetten escortbemiddelingsactiviteiten zonder vergunning
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde appellant een last onder dwangsom op wegens het exploiteren van een escortbemiddelingsbureau zonder vergunning. Appellant werd gesommeerd deze activiteiten te staken en advertenties te verwijderen. Na constatering dat appellant deze last niet had opgevolgd, werd een dwangsom van €50.000 ingevorderd.
Appellant voerde aan slechts als vriendendienst te hebben gefungeerd en ontkende bemiddeling. Het college baseerde zich op een proces-verbaal van bevindingen op ambtsbelofte, waarin werd vastgesteld dat appellant telefonisch escortdames regelde en vervoer verzorgde. De prostituee bevestigde dat zij voor appellant werkte en dat een deel van haar opbrengst naar het bureau ging.
De Raad van State oordeelde dat het college terecht uitging van de juistheid van het proces-verbaal en dat appellant onvoldoende bewijs leverde om dit te betwisten. De rechtbank had dan ook terecht geoordeeld dat appellant zijn activiteiten niet had gestaakt en dat de dwangsom terecht was verbeurd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de invordering van de dwangsom van €50.000 bevestigd.