ECLI:NL:RVS:2016:1635
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- J.J. van Eck
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging hogere eigen bijdrage voor gesubsidieerde rechtsbijstand bij familierechtelijke procedures
De zaak betreft het hoger beroep van appellante tegen het besluit van de raad voor rechtsbijstand waarin een eigen bijdrage van €287 werd vastgesteld voor een toevoeging in een alimentatieprocedure na echtscheiding. Appellante stelde dat deze hogere eigen bijdrage in strijd is met de artikelen 6, 8 en 14 van het EVRM, omdat het haar recht op toegang tot de rechter, haar privéleven en het verbod op discriminatie zou schenden.
De rechtbank had geoordeeld dat artikel 2a van het Besluit eigen bijdrage rechtsbijstand (Bebr), waarin de hogere eigen bijdrage is geregeld, niet in strijd is met het EVRM. De rechtbank vond dat het recht op toegang tot de rechter niet in essentie wordt aangetast, het doel van het besluit gerechtvaardigd is en de maatregel proportioneel is. Ook werd het onderscheid tussen familierechtelijke en andere procedures gerechtvaardigd geacht.
De Raad van State bevestigt dit oordeel. Het hof benadrukt dat financiële beperkingen aan het recht op toegang tot de rechter zijn toegestaan mits zij niet in essentie aantasten, een legitiem doel dienen en proportioneel zijn. De hogere eigen bijdrage is bedoeld om het stelsel van gesubsidieerde rechtsbijstand financieel beheersbaar te houden en partijen te stimuleren duurzame oplossingen te zoeken. De hardheidsclausule waarborgt dat wie niet kan betalen toch toegang behoudt. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De hogere eigen bijdrage voor gesubsidieerde rechtsbijstand bij familierechtelijke procedures wordt bevestigd en is niet in strijd met het EVRM.