ECLI:NL:RVS:2015:3015
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering exploitatievergunning en intrekking drank- en horecavergunning wegens schendingen en negatieve invloed op openbare orde
De burgemeester van Amsterdam heeft op 5 april 2013 afzonderlijke besluiten genomen waarbij exploitatievergunningen voor een coffeeshop en een café werden geweigerd en een drank- en horecavergunning werd ingetrokken. Tevens werd bestuursdwang opgelegd om de exploitatie te staken. De weigering was gebaseerd op schijnbeheer, ernstige tekortkomingen in de bedrijfsvoering en het onverenigbare levensgedrag van de exploitanten met een goede exploitatie.
De appellanten voerden aan dat de rechtbank ten onrechte oordeelde dat de burgemeester geen zelfstandig onderzoek hoefde te verrichten en dat de bedrijfsvoering inmiddels verbeterd was, onderbouwd met rapporten van QED Integrity Services. De rechtbank oordeelde echter dat gezien de ernst van de feiten, waaronder belastingfraude en overtredingen van de Opiumwet, het vertrouwen in toekomstig goed beheer ontbrak.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en oordeelde dat de burgemeester het belang van de openbare orde en het woon- en leefklimaat terecht zwaarder heeft mogen laten wegen dan het belang van de exploitanten. De verzoeken om voorlopige voorzieningen werden afgewezen en er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van vergunningen en intrekking van de drank- en horecavergunning en wijst de verzoeken om voorlopige voorzieningen af.