ECLI:NL:RVS:2014:530
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- I.S. Vreken-Westra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging huisverbod wegens ernstig en onmiddellijk gevaar voor veiligheid in woning te Utrecht
De burgemeester heeft op 17 november 2012 een huisverbod opgelegd aan appellant voor zijn woning te Utrecht, verlengd tot 15 december 2012, vanwege een ernstig en onmiddellijk gevaar voor de veiligheid van zijn partner en kind. Dit huisverbod was gebaseerd op een rapportage, een risicotaxatie-instrument en een proces-verbaal waarin sprake was van mishandeling, bedreiging en vernieling van een ruit in de woning.
Appellant voerde aan dat het ruitje per ongeluk was vernield en ontkende mishandeling of bedreiging, maar de rechtbank en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelden dat de verklaringen van zijn vrouw en de betrokkenheid van hulpverleningsinstanties voldoende grond boden voor het huisverbod. Het huisverbod is een ingrijpende maatregel die alleen kan worden opgelegd bij ernstig en onmiddellijk gevaar.
De Raad van State stelde vast dat het huisverbod noodzakelijk was ter bescherming van de gezondheid en lichamelijke integriteit van betrokkenen en dat de burgemeester de bevoegdheid tot verlenging terecht heeft gebruikt, omdat appellant nog geen aanvang had gemaakt met de hulpverlening. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het huisverbod en de verlenging daarvan worden bevestigd wegens ernstig en onmiddellijk gevaar voor de veiligheid van de partner en het kind.