ECLI:NL:RVS:2013:1086
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging huisverbod wegens ernstig en onmiddellijk gevaar voor veiligheid gezinsleden
De burgemeester legde op 15 augustus 2012 een huisverbod van tien dagen op aan appellant wegens bedreigingen aan het adres van zijn vrouw, gevolgd door een verlenging van achttien dagen op 23 augustus 2012. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van appellant tegen deze besluiten ongegrond. Appellant stelde dat er geen ernstig en onmiddellijk gevaar bestond en ontkende de bedreigingen.
De Raad van State overwoog dat het huisverbod een ingrijpend middel is dat alleen kan worden opgelegd bij voldoende grond om ernstig en onmiddellijk gevaar aan te nemen. Op basis van het Risicotaxatie-instrument Huiselijk Geweld, politieverklaringen en eerdere huisverboden mocht de burgemeester aannemen dat het gevaar bestond. De rechter toetst terughoudend aan deze beoordeling.
De verlenging was gerechtvaardigd omdat appellant nog niet met hulpverlening was begonnen en geen afspraken kon worden gemaakt over het betreden van de woning. De vrouw had urgentie voor een andere woning gekregen, waardoor het huisverbod moest worden verlengd om escalatie te voorkomen.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de voorzieningenrechter. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het huisverbod en de verlenging daarvan worden bevestigd wegens ernstig en onmiddellijk gevaar voor de veiligheid van de vrouw en kinderen.