ECLI:NL:RVS:2014:4182
Raad van State
- Hoger beroep
- P.J.J. van Buuren
- E. Helder
- F.D. van Heijningen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering verklaring van geschiktheid na alcoholmisbruik
Appellant werd door het CBR de verklaring van geschiktheid geweigerd na een onderzoek waaruit alcoholmisbruik bleek. Het CBR baseerde zijn besluit op een psychiatrisch rapport waarin werd vastgesteld dat appellant alcoholmisbruik pleegde, ondanks zijn betwisting van de diagnose en de gehanteerde definities.
De rechtbank oordeelde dat het rapport geen zodanige gebreken vertoonde dat het CBR zich er niet op mocht baseren. Appellant voerde aan dat het rapport onjuist was vanwege een andere interpretatie van binge drinken en controleverlies, en dat zijn reactie op het rapport niet was meegenomen, maar deze bezwaren werden verworpen.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde het oordeel van de rechtbank en overwoog dat het niet aan de bestuursrechter is om medische bevindingen te toetsen. Tevens werd het verzoek om schadevergoeding afgewezen omdat het hoger beroep ongegrond werd verklaard en de wet op nadeelcompensatie niet van toepassing was.
De uitspraak bevestigt dat het CBR bevoegd is om op basis van een deskundigenrapport een verklaring van geschiktheid te weigeren bij alcoholmisbruik, ook als appellant betwistingen aanvoert over de medische interpretatie en definities.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van het CBR om een verklaring van geschiktheid te verlenen wordt bevestigd.