ECLI:NL:RVS:2014:1738
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep tegen afwijzing VOG-aanvraag voor stage
Bij besluit van 11 oktober 2012 wees de staatssecretaris de aanvraag van appellante voor een verklaring omtrent het gedrag (VOG) af. Appellante maakte bezwaar, dat ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belang, omdat appellante het eerste studiejaar zonder VOG had afgerond en de benodigde VOG voor een latere stage reeds was afgegeven.
Appellante stelde dat haar recht op toegang tot de rechter werd geschonden doordat de rechtbank het beroep niet-inhoudelijk behandelde. De Afdeling overwoog echter dat alleen bij een actueel en reëel belang inhoudelijk op het beroep kan worden beslist. De omstandigheden van toekomstige VOG-aanvragen verschillen, waardoor een oordeel over de afgewezen aanvraag geen betekenis heeft.
De Afdeling oordeelde dat de rechtbank terecht het beroep niet-ontvankelijk verklaarde en bevestigde de uitspraak. Er was geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Daarmee blijft de afwijzing van de VOG-aanvraag in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de VOG-aanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang en de uitspraak van de rechtbank is bevestigd.