ECLI:NL:RVS:2013:59
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering verlaging maximumsnelheid op wegen in Harderwijk
Het college van burgemeester en wethouders van Harderwijk wees het verzoek van een buurtbewoner af om de maximumsnelheid op de Weiburglaan en een gedeelte van het Westeinde te verlagen van 50 naar 30 kilometer per uur. Dit besluit werd gevolgd door een ongegrondverklaring van bezwaar en beroep bij de rechtbank Arnhem.
De appellant stelde dat het college onredelijk had gehandeld door een te groot gewicht toe te kennen aan het belang van de herontwikkeling van het Stationsplein en dat het verkeer juist aanleiding zou moeten zijn om de snelheid te verlagen. Ook voerde hij aan dat het college het gerechtvaardigde vertrouwen had gewekt dat de snelheid zou worden verlaagd en dat in vergelijkbare gevallen wel een lagere snelheid was ingevoerd.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college een ruime beoordelingsvrijheid toekomt bij de uitleg van verkeersveiligheid, bruikbaarheid en vrijheid van het verkeer en dat de belangenafweging niet onredelijk was. Het college had terecht rekening gehouden met het functioneren van de wegen als ontsluitingswegen, de aanleg van een vrijliggend fietspad en het niet meer laten rijden van lijnbussen over de Weiburglaan. Het beroep op het vertrouwensbeginsel en het gelijkheidsbeginsel faalde omdat geen concrete toezeggingen waren gedaan en de situaties niet vergelijkbaar waren.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het besluit tot weigering van verlaging van de maximumsnelheid bevestigd.