Uitspraak
200901747/1). Deze hoofdregel houdt in dat nieuwe regelgeving niet slechts van toepassing is op hetgeen na haar inwerkingtreding voorvalt, doch ook op hetgeen bij haar inwerkingtreding reeds bestaat, zoals bestaande rechtsposities en -verhoudingen. Indien de regelgever hiervan beoogt af te wijken dient hij dat uitdrukkelijk te bepalen, behoudens in specifieke rechtsgebieden en in bijzondere gevallen, die in dit geval evenwel niet aan de orde zijn. De genoemde regelingen tot wijziging van de Natuurschoonwet 1928 en het Rangschikkingsbesluit Natuurschoonwet 1928 bevatten dergelijke uitdrukkelijke bepalingen niet, zodat deze regelingen onmiddellijke werking hebben. Het geschil dient daarom beslist te worden aan de hand van het recht zoals dat gold op 28 november 2008, de datum van het door de rechtbank beoordeelde besluit op bezwaar. De rechtbank heeft dit niet onderkend.