Uitspraak
200508614/1de goedkeuring van het bestemmingsplan deels heeft vernietigd, leidt evenmin tot een ander oordeel, reeds omdat het bouwplan is gesitueerd op het plangedeelte waarvan de goedkeuring in stand is gebleven.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Zundert verleende op 28 juli 2008 een bouwvergunning voor het oprichten van een kantoor met werkplaats en werktuigenberging op een perceel in Zundert. Appellanten maakten bezwaar tegen deze vergunning, dat door het college werd afgewezen. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van appellanten gegrond, vernietigde het besluit van het college, maar liet de rechtsgevolgen daarvan in stand.
Appellanten stelden onder meer dat het bouwplan in strijd was met het bestemmingsplan, omdat het een groot aannemersbedrijf zou realiseren en het bebouwingspercentage en de afstandseisen niet zouden worden nageleefd. De voorzieningenrechter oordeelde echter dat het bouwplan niet wezenlijk afwijkt van de bestaande bedrijfsactiviteiten, dat de afstand tussen bedrijfswoning en gebouw minimaal vijf meter bedraagt en dat het bebouwingspercentage van circa 26,4% binnen de toegestane 30% blijft.
Verder voerden appellanten aan dat onvoldoende parkeergelegenheid was voorzien en dat het bouwplan niet aan de welstandseisen zou voldoen. De voorzieningenrechter stelde vast dat de parkeernormen van het CROW werden gevolgd en dat het bouwplan geen baliefunctie met publiek heeft. Ook het welstandsadvies was volgens de voorzieningenrechter correct en voldoende gemotiveerd. De Raad van State bevestigt deze uitspraak en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd.