ECLI:NL:RVS:2008:BC2120
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen sloopvergunningconstructieve voorwaarden
Het college van burgemeester en wethouders van Schijndel verleende op 21 juli 2005 een sloopvergunning voor een koeienstal, met uitzondering van constructieve voorzieningen. Appellant stelde beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn bezwaar tegen deze vergunning. Het college verklaarde het bezwaar gegrond door de voorwaarde over constructieve voorzieningen te laten vervallen.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk en het beroep tegen het gewijzigde besluit ongegrond. Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State. Deze oordeelde dat appellant geen belang meer had bij het beroep tegen het niet tijdig beslissen omdat het college alsnog op bezwaar had beslist.
Daarnaast was appellant geen belang meer toegedaan bij beoordeling van de rechtmatigheid van het gewijzigde besluit, omdat de sloopvergunning nu conform aanvraag was verleend. Daarom verklaarde de Raad van State het hoger beroep niet-ontvankelijk en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat appellant geen belang meer heeft bij de beoordeling.