ECLI:NL:RVS:2007:BB8375
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- M.M. van der Smissen
- Rechtspraak.nl
Weigering vergunning tweede uitweg wegens bescherming groenvoorziening en uitstraling wijk
Het college van burgemeester en wethouders van Boxtel weigerde appellant een vergunning voor een tweede uitweg bij zijn perceel, gebaseerd op de Algemene plaatselijke verordening (APV) die het beschermen van het uiterlijk aanzien van de omgeving en groenvoorzieningen als weigeringsgrond noemt.
Appellant voerde aan dat vergelijkbare gevallen wel vergunning kregen en dat zijn situatie bijzondere omstandigheden kende, zoals de nabijheid van een horecagelegenheid en het stallen van drie auto's. De rechtbank en de Raad van State oordeelden dat er geen sprake was van vergelijkbare gevallen en dat het college een ruime beoordelingsvrijheid heeft bij het beschermen van groen en uitstraling.
De Raad van State bevestigde dat het college zich redelijk op het standpunt kon stellen dat de aanleg van de tweede uitweg ten koste zou gaan van openbaar groen en dat dit zwaarder weegt dan het belang van appellant. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat de situaties niet vergelijkbaar waren. Ook werd opgemerkt dat appellant handhaving kan verzoeken tegen parkeeroverlast door bezoekers van de horecagelegenheid.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de vergunning bevestigd.