ECLI:NL:RVS:2007:BA0587
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- T.M.A. Claessens
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing van uitspraak over verblijfsvergunning asiel wegens motiveringsgebrek
De minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank die het besluit van 16 maart 2005 tot afwijzing van een verblijfsvergunning asiel vernietigde. De rechtbank had geoordeeld dat het besluit in strijd was met het rechtszekerheidsbeginsel, het zorgvuldigheidsbeginsel en het motiveringsbeginsel, omdat het uitging van de ongeloofwaardigheid van het relaas van de vreemdeling terwijl in het eerdere besluit van 22 februari 2002 de geloofwaardigheid was aangenomen.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had aangenomen dat de minister bij het nieuwe besluit zonder meer van de geloofwaardigheid van het relaas moest uitgaan. Uit het eerdere besluit bleek immers dat de staatssecretaris het relaas slechts op zwaarwegendheid had beoordeeld, waardoor de vreemdeling geen recht had op dezelfde uitgangspositie bij het nieuwe besluit. De Raad van State stelde dat de minister argumenten mocht betrekken die niet aan het eerdere besluit ten grondslag lagen.
Daarom werd de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor herbehandeling en beslissing met inachtneming van deze overwegingen. Tevens werd een proceskostenvergoeding vastgesteld, waarvan de rechtbank de vergoeding moet bepalen.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank voor herbehandeling.