ECLI:NL:RVS:2006:AV6236
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.M.L. Hanrath
- Rechtspraak.nl
Weigering bouwvergunning voor dakkapel wegens strijd met redelijke eisen van welstand
Het college van burgemeester en wethouders van Abcoude weigerde op 13 april 2004 een bouwvergunning voor het plaatsen van een dakkapel in het tweede niveau van het dakvlak van een woonhuis. Appellant maakte bezwaar tegen deze weigering, dat door het college ongegrond werd verklaard. De rechtbank Utrecht verklaarde het daarop ingestelde beroep eveneens ongegrond. Appellant stelde vervolgens hoger beroep in bij de Raad van State.
Appellant stelde dat het welstandsadvies waarop het college zich baseerde onvoldoende was gemotiveerd, mede omdat de omgeving al geen evenwichtig geheel vormde. Het college beriep zich op het advies van de Provinciale Utrechtse Welstandscommissie, die stelde dat de dakkapel de hiërarchie van de woning verstoorde en een onevenwichtig totaalbeeld zou veroorzaken.
De Raad van State oordeelde dat het college aan het welstandsadvies in beginsel doorslaggevende betekenis mag toekennen, tenzij het advies gebreken vertoont of er een deskundig tegenadvies is. Appellant had geen deskundig tegenadvies overgelegd, slechts eigen opvattingen. De Raad concludeerde dat het welstandsadvies geen gebreken vertoonde en bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de bouwvergunning bevestigd.