ECLI:NL:RVS:2005:AT3245
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- W. van den Brink
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering bestemmingsplanwijziging voor nieuwe varkenshouderij in Putten
Appellant verzocht in 1997 het college van burgemeester en wethouders van Putten om medewerking aan een bestemmingsplanwijziging voor de vestiging van een nieuwe varkenshouderij op een perceel in het buitengebied. Het college weigerde dit verzoek in 2003 en handhaafde die weigering na bezwaar in 2004. De rechtbank Zutphen verklaarde het beroep van appellant tegen deze weigering deels gegrond en bepaalde dat het college een nieuwe beslissing moest nemen. Vervolgens handhaafde het college opnieuw de weigering, waarna de voorzieningenrechter dit beroep ongegrond verklaarde.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State. Deze oordeelde dat appellant op basis van een brief van het college uit 1998 gerechtvaardigd mocht vertrouwen dat bij het voldoen aan bepaalde voorwaarden het college medewerking zou verlenen. Het college had echter onvoldoende rekening gehouden met deze gerechtvaardigde verwachting en de belangenafweging niet op juiste wijze gemaakt, mede gelet op het nieuwe beleid en de locatieaanduidingen in het reconstructieplan en het ontwerp-bestemmingsplan.
De Raad van State vernietigde daarom het besluit van het college van 30 maart 2004 en de uitspraak van de voorzieningenrechter. Het college werd opgedragen een nieuwe beslissing te nemen, waarbij het de belangen zorgvuldig moet afwegen. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het besluit van het college om medewerking aan de bestemmingsplanwijziging te weigeren wordt vernietigd en het college moet een nieuwe belangenafweging maken.