ECLI:NL:RVS:2002:AE5990
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- K. Brink
- J.G.C. Wiebenga
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning grondwateronttrekking ENCI-Maastricht wegens onvoldoende motivering en strijd met beleidsregels
Bij besluit van 29 augustus 2000 verleende gedeputeerde staten van Limburg een vergunning aan ENCI-Maastricht B.V. voor het onttrekken van grondwater ten behoeve van kalksteenwinning. Diverse milieuorganisaties en een Belgische gemeente stelden beroep in tegen dit besluit.
De Raad van State oordeelde dat er geen milieueffectrapportage nodig was, en dat er geen reële alternatieven voor droge mergelwinning bestaan. Wel stelde de Afdeling vast dat de vergunningverlening niet in overeenstemming was met het provinciale anti-verdrogingsbeleid. Er was onvoldoende onderzoek gedaan naar de effecten van de grondwateronttrekking in samenhang met andere onttrekkingen en naar mogelijke compenserende maatregelen. De motivering voor het afwijken van het beleid ontbrak.
Daarom werd het besluit vernietigd wegens strijd met artikel 3:46 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De overige bezwaren behoefden geen bespreking meer. Gedeputeerde staten werden veroordeeld tot betaling van proceskosten en griffierechten aan de appellanten.
Uitkomst: Het besluit tot vergunningverlening voor grondwateronttrekking door ENCI-Maastricht is vernietigd wegens strijd met provinciaal anti-verdrogingsbeleid en onvoldoende motivering.