ECLI:NL:RVS:2000:AA6918
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- J.H.B. van der Meer
- B. van Wagtendonk
- Rechtspraak.nl
Vergunningstelsel voor onttrekking van woonruimte binnen gemeente en compensatievoorwaarden
In deze zaak gaat het om het hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank Utrecht waarin een vergunning tot onttrekking van woonruimte door burgemeester en wethouders van Zeist onder voorwaarden van financiële compensatie werd verleend.
De Raad van State oordeelt dat het vergunningstelsel voor het onttrekken van woonruimte betrekking mag hebben op alle woonruimte binnen de gemeente, waarbij het behoud of de samenstelling van de woningvoorraad het criterium is. De gemeenteraad heeft de bevoegdheid om te bepalen op welke woonruimte het vergunningvereiste van toepassing is, zonder dat dit beperkt is tot bepaalde categorieën.
De compensatievoorwaarden, waaronder een financiële bijdrage per vierkante meter, zijn niet in strijd met de Huisvestingswet en worden niet als willekeurig beoordeeld. De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat de belangen van appellanten niet opwegen tegen het algemeen volkshuisvestelijk belang en dat de compensatievergoeding passend is. Het verzoek om een hogere vergoeding voor rechtsbijstand is afgewezen, evenals het beroep tegen de verrekening van deze vergoeding met de compensatie.
De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vergunningverlening met compensatievoorwaarden bevestigd.