ECLI:NL:RVS:2000:AA4634
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.E. van der Does
- J.H.B. van der Meer
- J.H. Grosheide
- Rechtspraak.nl
Vaststelling rechtsgeldigheid vrijstelling leerplicht op bezwaar tegen onderwijsrichting
Appellanten hebben bezwaar gemaakt tegen de verklaring van A waarin bezwaar wordt gemaakt tegen de richting van het onderwijs op scholen binnen redelijke afstand van de woning van zijn dochter. Burgemeester en wethouders verklaarden dit bezwaar ongegrond. De rechtbank Breda vernietigde deze beslissing en verklaarde het beroep gegrond.
In hoger beroep betoogden appellanten dat het ongeldig verklaren van de kennisgeving geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht is en dat burgemeester en wethouders geen inhoudelijke toetsingsbevoegdheid hebben ten aanzien van de kennisgeving en verklaring van bezwaar tegen de onderwijsrichting.
De Raad van State overweegt dat de vrijstelling van de leerplicht rechtstreeks voortvloeit uit de wet indien aan de vormvereisten wordt voldaan en dat het niet aan burgemeester en wethouders is om de inhoud van de kennisgeving te toetsen. De rechtbank heeft ten onrechte geoordeeld dat burgemeester en wethouders bevoegd waren om opnieuw op het bezwaar te beslissen. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank wordt vernietigd voor zover het niet zelf in de zaak voorziet.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd voor zover het niet zelf in de zaak voorziet.