Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Altena tot weigering van een omgevingsvergunning voor kleinschalige huisvesting voor arbeidsmigranten. Het college heeft niet binnen de wettelijke termijn op het bezwaar beslist, ondanks een ingebrekestelling door eiseres.
De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn, inclusief verlengingen, op 5 december 2025 was verstreken en dat het college pas op 23 maart 2026 aanvullende informatie heeft opgevraagd, waarna eiseres tot 4 mei 2026 de tijd kreeg om deze te leveren. De rechtbank acht dit een goede reden voor een verlenging van de beslistermijn tot uiterlijk 30 juni 2026.
De rechtbank wijst erop dat de zaak inhoudelijk samenhangt met een andere zaak over een soortgelijke vergunning op hetzelfde perceel, waardoor slechts één rechterlijke dwangsom wordt opgelegd. Het college wordt opgedragen binnen de gestelde termijn alsnog een besluit te nemen en moet het griffierecht aan eiseres vergoeden. De rechterlijke dwangsom uit de samenhangende zaak blijft van kracht totdat op beide bezwaren is beslist.