Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een verkeersboete opgelegd voor het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden op 15 maart 2023. Tegen deze boete werd beroep ingesteld bij de officier van justitie, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde betrokkene beroep in bij de kantonrechter.
De kantonrechter constateerde dat de hoorzitting achterwege was gelaten vanwege een ingebrekestelling, wat volgens vaste jurisprudentie niet zonder meer rechtvaardigt dat wordt afgezien van het horen. Daarom werd de boete met 25% gematigd wegens schending van de hoorplicht.
Daarnaast werd vastgesteld dat de redelijke termijn van berechting, vastgesteld op twee jaar, met ruim tien maanden was overschreden. Dit leidde tot een extra matiging van 25%. De boete werd derhalve verminderd tot € 213,75 plus administratiekosten. Tevens werd de officier van justitie veroordeeld tot terugbetaling van te veel betaalde zekerheid en tot vergoeding van de proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: De boete wordt gematigd wegens schending van de hoorplicht en overschrijding van de redelijke termijn, met terugbetaling van teveel betaalde zekerheid en vergoeding van proceskosten.