ECLI:NL:RBZWB:2025:7868
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S. Hindriks
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen omgevingsvergunning voor lichtmasten nabij Natura 2000-gebied
De Tennisclub heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor het plaatsen van vier lichtmasten op het tenniscomplex nabij een Natura 2000-gebied en Natuurnetwerk Zeeland. Eiser, eigenaar van een nabijgelegen perceel, maakte bezwaar tegen deze vergunning vanwege mogelijke schadelijke effecten op de natuur en betwistte de natuurtoets die het college liet uitvoeren.
Na vernietiging van het eerdere besluit wegens motiverings- en zorgvuldigheidsgebreken, heeft het college een nieuw natuuronderzoek laten verrichten. Dit onderzoek concludeerde dat de lichtmasten geen onevenredige nadelige effecten hebben op het natuurgebied en beschermde diersoorten zoals vleermuizen. De rechtbank oordeelt dat het college de vergunning terecht heeft verleend en dat de natuurtoets actueel en zorgvuldig is.
Eiser stelde ook dat de redelijke termijn voor de behandeling van zijn bezwaar was overschreden en vorderde een immateriële schadevergoeding. Hoewel de rechtbank constateert dat de termijn met ruim vier jaar is overschreden, ziet zij geen aanleiding tot vergoeding omdat de vertraging ertoe heeft geleid dat de lichtmasten nog niet zijn geplaatst, wat een bijzondere omstandigheid vormt.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, handhaaft de omgevingsvergunning en wijst het verzoek tot schadevergoeding af. Eiser krijgt ook geen vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard en het verzoek om immateriële schadevergoeding wordt afgewezen.