ECLI:NL:RBZWB:2025:7567
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroepen tegen aanslagen inkomstenbelasting en Zvw 2019 en 2020
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde de beroepen van belanghebbende tegen de aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) en de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw) voor de jaren 2019 en 2020. De inspecteur had de aanslagen opgelegd naar aanleiding van een strafrechtelijk onderzoek en deels bezwaar toegekend voor 2019, maar bezwaar voor 2020 afgewezen.
Belanghebbende voerde aan dat de inspecteur niet het volledige belastingdossier had verstrekt, waardoor algemene rechtsbeginselen en artikelen 7:4 en 8:42 Awb zouden zijn geschonden. De rechtbank oordeelde dat de inspecteur alle stukken die van belang zijn voor de geschilpunten had overgelegd en dat het verzoek tot verstrekking van het gehele fiscale dossier buiten de fiscale procedure valt.
Voor het jaar 2020 ontbraken materiële beroepsgronden, waardoor het beroep ongegrond werd verklaard en de verzuimboete gehandhaafd bleef. Voor 2019 was het beroep formeel gegrond vanwege een ambtshalve verminderingsbeschikking die de aanslag verlaagde. De rechtbank vernietigde de uitspraak op bezwaar voor 2019 en volgde de verminderingsbeschikking. Belanghebbende kreeg het griffierecht terug, maar er werden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard voor de aanslag IB/PVV 2019 met vermindering conform de verminderingsbeschikking, en ongegrond voor 2020; de verzuimboete blijft gehandhaafd.