Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene werd beboet voor het rijden van 15 km per uur te hard op de N65 buiten de bebouwde kom te Udenhout op 27 mei 2023. Tegen deze boete werd beroep ingesteld bij de officier van justitie, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De kantonrechter oordeelt dat de overtreding vaststaat op basis van de verklaring van de verbalisant en fotomateriaal. De verdediging voerde aan dat de redelijke termijn van berechting was overschreden en dat de hoorplicht was geschonden. De rechtbank stelt vast dat de redelijke termijn van twee jaar met ruim twee weken is overschreden, wat leidt tot matiging van de boete met 25%.
Daarnaast is betrokkene niet gehoord door de officier van justitie, wat een schending van de hoorplicht inhoudt. Dit leidt tot een extra matiging van 25%. De totale matiging bedraagt derhalve 50%. De boete wordt verlaagd en het teveel betaalde bedrag wordt terugbetaald. Tevens wordt de officier van justitie veroordeeld tot het vergoeden van proceskosten van €453,50 voor de fase bij de kantonrechter.
Uitkomst: De boete wordt gematigd met 50% wegens overschrijding redelijke termijn en schending hoorplicht, met terugbetaling van teveel betaalde zekerheid en toekenning van proceskostenvergoeding.