Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete opgelegd wegens het niet meewerken aan een speekseltest op 31 januari 2023 in Oosterhout. Hij stelde dat hij niet gevraagd was de test te doen en verwees naar persoonlijke omstandigheden die zijn gedrag verklaren. De officier van justitie handhaafde de boete, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter.
De kantonrechter stelde vast dat de verklaring van de verbalisant voldoende bewijs levert dat de gedraging heeft plaatsgevonden. Betrokkene kon geen concrete feiten aanvoeren die de verklaring zouden ondermijnen. Wel werd erkend dat de redelijke termijn van behandeling met bijna vijf maanden was overschreden.
Om proceseconomische redenen werd afgezien van de betaling van de zekerheidstelling. De boete werd daarom gematigd met 25%, waardoor het bedrag werd verlaagd tot €187,50 plus administratiekosten. Het beroep werd daarmee gedeeltelijk gegrond verklaard en de beslissing van de officier van justitie gewijzigd.
Uitkomst: De boete wegens niet meewerken aan een speekseltest wordt gematigd met 25% tot €187,50 vanwege overschrijding van de redelijke termijn.