ECLI:NL:RBZWB:2025:2391
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering naheffingsaanslag BPM na geschil over afschrijvingsmethode en koerslijst
Belanghebbende deed aangifte van BPM voor een Audi A3 Sportback en betaalde €7.446. De inspecteur legde een naheffingsaanslag van €2.897 op, gebaseerd op een hogere waardering zonder waardevermindering wegens schade. Belanghebbende betwistte dit en voerde aan dat de afschrijving op basis van een taxatierapport moest plaatsvinden vanwege schade.
De rechtbank oordeelde echter dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat sprake was van meer dan normale gebruiksschade, mede omdat de auto reeds gerepareerd was geleverd. De rechtbank stelde vast dat de koerslijstmethode toegepast kon worden, aangezien de geringe afwijking in CO2-uitstoot niet verhinderde dat de auto op de koerslijst paste.
De rechtbank stelde de historische nieuwprijs vast op €102.926 en de handelsinkoopwaarde op €39.938, waardoor de verschuldigde BPM €10.218 bedroeg. Na verrekening van het reeds betaalde bedrag werd de naheffingsaanslag verminderd naar €2.772.
Daarnaast kende de rechtbank belanghebbende een immateriële schadevergoeding toe van €1.909 wegens overschrijding van de redelijke termijn in de bezwaarprocedure, waarbij de Staat mede aansprakelijk werd gesteld voor een deel van de vergoeding. Tevens werd proceskostenvergoeding en griffierecht toegekend aan belanghebbende.
De uitspraak werd gedaan door rechter S.J. Willems-Ruesink op 23 april 2025 en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: De naheffingsaanslag BPM wordt verminderd naar €2.772 en belanghebbende krijgt een immateriële schadevergoeding toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn.