Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een verkeersboete opgelegd voor het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden op 16 oktober 2022. Betrokkene voerde aan dat de situatie onredelijk was omdat de telefoon uit de broekzak viel en zij deze onder haar hand aan het stuur vasthield vanwege een kapot scherm.
De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, maar de kantonrechter stelde vast dat de gedraging vaststaat op basis van de verklaring van de verbalisant. Wel werd geconstateerd dat de hoorplicht niet was nageleefd en dat de redelijke termijn van behandeling met ruim vier maanden was overschreden.
Hierdoor werd het beroep gedeeltelijk gegrond verklaard en de boete met 50% gematigd: 25% vanwege schending van de hoorplicht en 25% vanwege overschrijding van de redelijke termijn. Het teveel betaalde bedrag moet worden terugbetaald aan betrokkene.
Uitkomst: Beroep gedeeltelijk gegrond verklaard en boete met 50% gematigd tot €135,- plus administratiekosten.