ECLI:NL:RBZWB:2024:5420
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen WOZ-waarde woning te Middelburg
Belanghebbende is eigenaar van een twee-onder-een-kap woning te Middelburg, waarvan de WOZ-waarde per 1 januari 2022 is vastgesteld op €322.000. Tegen deze vaststelling en de daarop gebaseerde aanslagen heeft belanghebbende bezwaar gemaakt, dat door de heffingsambtenaar is afgewezen. Belanghebbende stelde een lagere waarde van €294.000 voor.
De rechtbank heeft het beroep op 16 juli 2024 behandeld en beoordeelt of de WOZ-waarde te hoog is vastgesteld. De waarde is bepaald met de vergelijkingsmethode, waarbij referentiewoningen in de buurt en rond de waardepeildatum zijn gebruikt. De rechtbank acht deze referentiewoningen voldoende vergelijkbaar en vindt dat de heffingsambtenaar op transparante wijze rekening heeft gehouden met verschillen, zoals dakkapel, garage en oppervlakte.
Belanghebbende voerde aan dat het gelijkheidsbeginsel is geschonden omdat vergelijkbare woningen aan andere adressen een lagere waarde hebben. De rechtbank overweegt dat voor toepassing van het gelijkheidsbeginsel identieke objecten vereist zijn, wat belanghebbende niet aannemelijk heeft gemaakt. Daarom wordt het beroep ongegrond verklaard en blijven de waarde en aanslagen gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €322.000 wordt ongegrond verklaard en de aanslag OZB blijft gehandhaafd.