ECLI:NL:RBZWB:2023:6189
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning proceskostenvergoeding na intrekking beroep parkeerbelasting
Belanghebbende had beroep ingesteld tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting van de gemeente Breda. Dit beroep werd ingetrokken nadat de heffingsambtenaar het besluit op 14 april 2023 had ingetrokken, waarmee hij aan het beroep tegemoetkwam.
De rechtbank heeft vervolgens het verzoek van belanghebbende om veroordeling van de heffingsambtenaar tot betaling van proceskosten beoordeeld. De heffingsambtenaar erkende dat er aanleiding was voor een proceskostenvergoeding en gaf een punt toe voor het indienen van het beroepschrift met een wegingsfactor van 0,5.
De rechtbank oordeelde dat de heffingsambtenaar geheel aan belanghebbende was tegemoetgekomen door het intrekken van de naheffingsaanslag. Daarom wees zij het verzoek om proceskostenvergoeding toe, waarbij de vergoeding werd berekend op basis van het Besluit proceskosten bestuursrecht. Tevens werd bepaald dat de heffingsambtenaar het betaalde griffierecht van €50,- moet vergoeden en dat wettelijke rente verschuldigd is indien betaling niet binnen vier weken na uitspraak plaatsvindt.
Uitkomst: De heffingsambtenaar is veroordeeld tot betaling van €566,50 aan proceskosten en het griffierecht van €50,- aan belanghebbende.