Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Inleiding
2.Feiten
[naam 1] is een [leeftijd] man van [land] afkomst. In [land] heeft hij geen onderwijs gevolgd. Hij woont sinds [jaar] in Nederland. [naam 1] spreekt beperkt Nederlands en kan nauwelijks lezen en schrijven. Hij huurt een woning en krijgt ambulante begeleiding vanuit [naam 2] .
Hierbij verklaar ik, [naam 3] dat ik op maandag 1 mei 2017 in de rol van generalist bij [stichting] , dhr. [naam 1] op het huisadres van zijn vader aan de [adres 2] , te [plaats] heb bezocht.
3.Beoordeling door de rechtbank
4.Conclusie en gevolgen
5.Beslissing
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;