ECLI:NL:RBZWB:2022:4605
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor eerste huur en borg wegens niet-noodzakelijke verhuizing
Eiseres, die sinds 2015 een WIA-uitkering ontvangt, vroeg bijzondere bijstand aan voor de eerste huur en borg van een nieuwe woning. Het college wees deze aanvraag af omdat de verhuizing niet noodzakelijk was en eiseres had kunnen sparen voor de kosten.
De rechtbank bevestigt dat de kosten zich voordoen, maar oordeelt dat de verhuizing wenselijk maar niet noodzakelijk was. Er is geen onhoudbare medische of sociale situatie aangetoond die een verhuizing rechtvaardigt. Ook ontbrak een urgentieverklaring.
Verder is volgens vaste jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep het feit dat eiseres een bijstandsniveau inkomen heeft, geen reden om te veronderstellen dat zij niet had kunnen reserveren voor de verhuiskosten. De aanvraag bijzondere bijstand is daarom terecht afgewezen.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van bijzondere bijstand voor eerste huur en borg wordt ongegrond verklaard.