ECLI:NL:RBZWB:2022:3278
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wijziging persoonsgegevens in basisregistratie personen vanwege onvoldoende bewijs identiteit
Eiser verzocht het college om correctie van zijn persoonsgegevens in de basisregistratie personen (brp), waaronder voornaam, geboortedatum, geboorteplaats en nationaliteit. Het college wees dit verzoek af omdat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat de overgelegde documenten op hem betrekking hadden. De Commissie bezwaarschriften had geadviseerd het bezwaar gegrond te verklaren en nader onderzoek te verrichten naar de authenticiteit en identiteit, maar het college bleef bij zijn standpunt en motiveerde dit in het bestreden besluit.
De rechtbank overwoog dat de gegevens in de brp betrouwbaar en duidelijk moeten zijn en dat het college terecht twijfels had bij de relatie tussen eiser en de overgelegde documenten, waaronder een Chinees paspoort. Eiser kon niet overtuigend aantonen dat de documenten op hem betrekking hadden, ondanks een verwantschapsonderzoek dat alleen de biologische moeder koppelde aan eiser, maar niet de identiteit van de persoon op het paspoort.
De rechtbank concludeerde dat het college het verzoek op goede gronden had afgewezen en dat het beroep ongegrond was. Eiser kreeg geen vergoeding van griffierecht of proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter E.J. Govaers op 17 juni 2022.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het verzoek tot wijziging van persoonsgegevens in de basisregistratie personen wordt ongegrond verklaard.