Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van 16 juli 2021 van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam verzoeker] , te [woonplaats verzoeker] , verzoeker,
Procesverloop
Overwegingen
Wettelijk kader
Overwegingen
Conclusie
Beslissing
- schorst het bestreden besluit voor zover daarbij een maatregel van 100% gedurende 1 maand is opgelegd, tot 6 weken na de bekendmaking van de beslissing op bezwaar;
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening toe in die zin dat de maatregel wordt verlaagd naar 25% van het maandelijkse uitkeringsbedrag gedurende een maand;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 49,00 aan verzoeker te vergoeden;
- veroordeelt het college in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 1.496,-.