ECLI:NL:RBUTR:2010:BL4917
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toepassing Colportagewet en beoordeling dwaling en bedrog bij overeenkomst automatiseringsproducten
De kantonrechter te Utrecht behandelde acht vonnissen betreffende geschillen tussen kleine ondernemers en een leverancier van automatiseringsproducten, waarbij de Colportagewet centraal stond. De rechter overwoog dat de beschermende bepalingen van deze wet onder bepaalde omstandigheden reflexwerking kunnen hebben ten behoeve van kleine ondernemers die materieel niet van consumenten te onderscheiden zijn. Deze reflexwerking geeft hen het recht op ontbinding binnen een termijn, maar leidt niet tot nietigheid van de overeenkomst indien de ontbindingsmogelijkheid niet expliciet is vermeld.
De eiser stelde dat hij onder dwaling en bedrog de overeenkomst was aangegaan, onder meer vanwege onjuiste mededelingen over gratis apparatuur en diensten, en het niet vermelden van een minimale contractduur en vergoeding bij tussentijdse beëindiging. De kantonrechter vond deze stellingen onvoldoende concreet en onderbouwd, mede omdat de eiser geen nadelige gevolgen kon aantonen en geen klachten had geuit na ontvangst van de diensten.
De kantonrechter wees erop dat Proximedia voldoende bewijsstukken had overgelegd omtrent de verkoopprotocollen en scripts, en dat het aan de eiser was om de betwiste feiten te bewijzen. De eiser kreeg de gelegenheid om bewijs aan te dragen, waaronder schriftelijke stukken en getuigen, waarna verdere beslissing werd aangehouden. De zaak werd verwezen naar een rolzitting voor nadere bewijslevering.
Uitkomst: De zaak is aangehouden voor bewijslevering en verdere beslissing wordt uitgesteld.