ECLI:NL:RBUTR:2006:AZ0765
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Inkomsten uit verhuur panden niet als inkomen uit arbeid voor WAZ-uitkering
Eiseres, eigenares van twee panden die zij verhuurt aan vennootschappen waarin zij stille vennoot is, ontving een WAZ-uitkering op basis van een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Verweerder herzag deze uitkering naar een lagere mate van arbeidsongeschiktheid vanwege vermeende inkomsten uit arbeid uit de verhuur van de panden en stopte de uitkering. Eiseres stelde dat de huurinkomsten niet als inkomen uit arbeid moesten worden beschouwd omdat zij geen werkzaamheden verrichtte.
De rechtbank stelde vast dat eiseres de huurinkomsten fiscaal als winst uit onderneming had opgegeven, maar dat dit begrip niet gelijk is aan inkomen uit arbeid in de zin van artikel 58 WAZ Pro. De rechtbank vond dat eiseres geen relevante ondernemersactiviteiten verrichtte en dat het beheer en exploitatie door haar zoons werd gedaan. Er was geen bewijs dat eiseres arbeid had verricht die rechtvaardigde dat de huurinkomsten als inkomen uit arbeid werden aangemerkt.
Daarom oordeelde de rechtbank dat de besluiten van verweerder die de uitkering aanpaste en terugvorderde onrechtmatig waren. De besluiten werden vernietigd, de bezwaren van eiseres gegrond verklaard en verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het besluit van het UWV en verklaart het beroep gegrond omdat de huurinkomsten niet als inkomen uit arbeid in de zin van artikel 58 WAZ worden aangemerkt.