ECLI:NL:RBUTR:2004:AQ6491
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Ch.E. Bethlem
- Rechtspraak.nl
Aandelenlease-overeenkomsten: tekortkoming Levob Bank in informatieplicht en toerekenbare schade
Eiser sloot in 1998 zes aandelenlease-overeenkomsten met Levob Bank waarbij hij een lening van €40.840,22 aanging met een looptijd van tien jaar en een rentepercentage van 12% na vijf jaar. Eiser stelde dat hij onjuist was geïnformeerd over de risico's van het product, dat hij zag als een spaarvorm, en dat de folder misleidend was. Hij vernietigde de overeenkomsten buitengerechtelijk en vorderde schadevergoeding wegens tekortkoming en onrechtmatig handelen van Levob.
De rechtbank oordeelde dat de overeenkomsten niet als huurkoop kwalificeerden en dat de totstandkoming plaatsvond na ondertekening door eiser, waarbij hij voldoende gelegenheid had de algemene voorwaarden en folder te bestuderen. Het beroep op dwaling werd afgewezen omdat eiser zijn veronderstellingen niet had onderzocht.
Wel stelde de rechtbank vast dat Levob tekort was geschoten in haar zorgplicht door onvoldoende informatie in te winnen over de financiële positie en beleggingservaring van eiser en door onvoldoende en onvoldoende specifieke risico-informatie te verstrekken. Ondanks het kant-en-klare karakter van het product had Levob rekening moeten houden met de risico's en de kwetsbare positie van eiser.
De schade werd toegerekend aan Levob voor 75% en aan eiser voor 25%, omdat eiser onvoldoende vragen had gesteld en niet had onderzocht of zijn veronderstellingen juist waren. Levob werd veroordeeld tot vergoeding van 75% van de schade, nader op te maken bij staat, en tot betaling van de proceskosten.
Uitkomst: Levob Bank is toerekenbaar tekortgeschoten en veroordeeld tot vergoeding van 75% van de schade van eiser.