ECLI:NL:RBSGR:2012:BZ0809
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke gegrondverklaring van beroepen tegen navorderingsaanslagen en boetebeschikkingen inkomstenbelasting 2001-2006
Eiser, ondernemer met een eenmanszaak, werd geconfronteerd met navorderingsaanslagen en vergrijpboetes voor de jaren 2001 tot en met 2006 opgelegd door de Belastingdienst. De rechtbank onderzocht of de aanslagen en boetes terecht waren opgelegd, of de administratie voldeed aan wettelijke eisen, en of de termijnen voor oplegging waren gerespecteerd.
De rechtbank oordeelde dat de administratie van eiser voor 2004-2006 niet voldeed aan artikel 52 Awr Pro, waardoor de bewijslast omkeerde. Voor 2001 en 2002 was dit niet aangetoond. De navorderingsaanslagen en boetes voor 2001 en 2002 werden vernietigd wegens onvoldoende bewijs. Voor 2004-2006 werden de aanslagen en boetes verminderd waar correcties niet op redelijke schattingen berustten.
Verder wees de rechtbank de klachten over schending van de hoorplicht en motivering af, matigde de boete voor 2004 wegens termijnoverschrijding, en wees een immateriële schadevergoeding af. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer op 16 november 2012.
Uitkomst: Beroepen deels gegrond, aanslagen en boetes 2001-2002 vernietigd, aanslagen 2004-2006 verminderd, boetes 2004-2005 gematigd of vernietigd, verweerder veroordeeld in proceskosten.