ECLI:NL:RBSGR:2012:BW5212
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- A. van ‘t Laar
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende bescherming christenen in Egypte
Verzoekers, christelijke Egyptenaren, dienden asielaanvragen in die werden afgewezen door verweerder. Zij stelden dat zij vanwege hun geloofsovertuiging bedreigd werden door radicale moslims en onvoldoende bescherming konden krijgen van de Egyptische autoriteiten na de val van het Mubarak-regime.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende onderzoek had gedaan naar de mogelijkheid van effectieve bescherming voor christenen in Egypte. Verweerder baseerde zich op een verouderd ambtsbericht uit 2002 en negeerde recente informatie, waaronder een notitie van Vluchtelingenwerk Nederland uit 2012, waarin werd gesteld dat christenen weinig bescherming genieten en dat autoriteiten zelf soms betrokken zijn bij geweld.
De rechtbank stelde vast dat het asielrelaas van verzoeker geloofwaardig was en dat verweerder ten onrechte concrete aanwijzingen over religieuze motieven bij bedreigingen buiten beschouwing had gelaten. De afwijzing was onvoldoende gemotiveerd en niet zorgvuldig voorbereid, waardoor de besluiten vernietigd werden en verweerder werd opgedragen nieuwe besluiten te nemen buiten de algemene asielprocedure.
De verzoeken om voorlopige voorziening werden afgewezen omdat in de hoofdzaak reeds werd beslist. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten van verzoekers.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzing van de asielaanvragen en beveelt nieuwe besluitvorming met betere motivering en onderzoek naar bescherming christenen in Egypte.