ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ0918
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.A. Koppen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot vaststelling Nederlanderschap wegens vervallen Suriname als woonplaatscriterium
Verzoeker heeft bij de rechtbank een verzoek ingediend om zijn Nederlanderschap vast te stellen op grond van artikel 2 lid 1 sub a van Pro de Wet op het Nederlanderschap en het Ingezetenschap (WNI) van 1898. Hij stelde dat hij Nederlander was omdat zijn ouders ten tijde van zijn geboorte in Nederland woonden en zijn grootouders in Suriname, dat destijds deel uitmaakte van het Koninkrijk der Nederlanden.
De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) voerde aan dat verzoeker bij geboorte de Surinaamse nationaliteit verkreeg en dat niet is voldaan aan de voorwaarden van artikel 2 lid 1 sub a WNI Pro, omdat de grootmoeder van verzoeker niet woonde in Nederland of de Nederlandse Antillen ten tijde van de geboorte van zijn vader. De rechtbank bevestigde dat Suriname sinds 25 november 1975 onafhankelijk is en niet meer als woonplaats binnen het Koninkrijk wordt beschouwd.
De rechtbank oordeelde dat verzoeker niet voldoet aan de vereiste woonplaatscriteria in artikel 2 lid 1 sub a WNI Pro en wees het verzoek af. De beslissing werd genomen zonder mondelinge behandeling, waarbij ook de officier van justitie zich aansloot bij het advies van de IND.
Uitkomst: Het verzoek tot vaststelling van het Nederlanderschap wordt afgewezen omdat Suriname niet meer als woonplaats binnen het Koninkrijk gold ten tijde van de geboorte.